Zorgkorting bij kinderalimentatie

Bij kinderalimentatie wordt rekening gehouden met de dagen dat de kinderen bij de ouder zijn die alimentatie moet betalen. Op die dagen moet die ouder het eten betalen, gas, water en licht verbruiken en misschien ook benzinekosten maken om met de kinderen weg te kunnen. Het bedrag wat hiervoor van de te betalen alimentatie wordt afgetrokken, heet zorgkorting.

De zorgkorting wordt uitgedrukt in percentages: 15%, 25% of 35% van de totale behoefte van de kinderen (of, als er niet voldoende is bij de ouders om de hele behoefte te betalen, dan van de totale draagkracht). 15% wordt afgetrokken als kinderen gemiddeld 1 dag in de week bij de ouder zijn die de alimentatie moet betalen, 25% bij 2 dagen en 35% bij 3 dagen.

De discussie wordt lastig als de kinderen bijvoorbeeld wel bij een ouder zijn overdag, maar in de nacht bij de andere ouder slapen (bijvoorbeeld om vroeg naar school te kunnen, of omdat het kind teveel heimwee heeft, of omdat een ouder nachtdienst heeft), of als de weken zeer onregelmatig zijn verdeeld. Bijvoorbeeld als een ouder een deel van het jaar op zee werkt of transatlantische vluchten maakt als piloot of purser. Soms is de oplossing dan niet gelegen in het uitrekenen van het gemiddelde over een heel jaar, maar zijn creatievere manieren van denken nodig.

Zo kunnen ouders soms bij het maken van de maandplanning afspreken hoe hoog de zorgkorting is die maand. Soms houden ze dan niet de zorgkorting aan, maar de kosten voor de kinderen van bijvoorbeeld € 5,00 per dag per kind.

Zoals bij veel regels het geval is, is de zorgkorting bedoeld om het komen tot afspraken makkelijker te maken. Maar ook hier geldt, dat de toepassing dan wel zo moet zijn dat het de afspraken ook echt makkelijker maakt. En daar gaat het wel eens mis. Binnen mediation kunnen we dan op zoek naar waar het probleem werkelijk ligt om zo proberen weer terug te kunnen gaan naar een pragmatische oplossing.