Vormen van een coalitie

Mediation is een machtig mooi instrument. Het is zo fijn als twee mensen samen de beslissingen nemen die goed zijn voor henzelf en eventueel voor hun kinderen. Als mediator groei je bij elke mediation die goed is gegaan, bij elke keer dat je mensen de regie over hun eigen leven terug ziet nemen en met elkaar verantwoordelijkheid ziet dragen. Dit klinkt heel mooi natuurlijk, maar de werkelijkheid is soms nogal weerbarstig. Weerbarstiger dan je soms zou willen.

Het is net als met de politiek; de beelden die ons worden geschetst van hoe het allemaal moet gaan na de verkiezingen. Forse uitspraken tijdens de campagnes, beloftes, toezeggingen, hoop voor mensen die op een bepaalde partij stemmen. En dan, dan gaan we…

FORMEREN.

Jawel, we gaan ervoor zorgen dat in de groep van mensen die mogen regeren genoeg partijen zijn vertegenwoordigd dat meer dan de helft van de kiezers tevreden is. Hoe doen we dat in een land met zoveel partijen? Door het sluiten van compromissen. Waardoor er van al die forse uitspraken, beloftes, toezeggingen en hoop niet zo heel veel meer overblijft.

En dat is soms ook wat er gebeurt in mediation. De mooie wensen die partijen hadden toen ze begonnen, eindigen soms in een compromis dat op zich prima is. Maar waar de glans een beetje af lijkt. En waarmee ze dan wel terug moeten naar de achterban. Ik probeer me soms die gesprekken voor te stellen: “Ja pa, ik weet dat ik had beloofd dat ik zou vechten voor mijn pensioen, maar ik ben zo blij dat ik in de woning kan blijven.”. “Ja schat, ik weet dat je had gezegd dat je niet wilt vastzitten aan zoveel alimentatie, maar je weet toch hoe graag ik het contact goed wil houden. Nu kunnen we misschien wel een co-ouderschap regelen met elkaar.”

Zoals Jesse Klaver straks met zijn achterban moet overleggen over minder nivellering, Alexander Pechtold misschien de plannen rond het voltooid leven moet matigen en Rutte moet uitleggen dat er toch wordt geïnvesteerd in meer groene energie, zo moeten de klanten van een mediator verdedigen waarom zij toch akkoord willen gaan met een compromis dat zorgt voor een betere toekomst, maar minder voor persoonlijke winst.